Yale-Nyenrode research shows overstatement of investors’ pure reliance on credit ratings
The American government recently expressed its concerns about the large extent to which investors would seem to sail blind on the credit ratings that credit agencies assign to structured credits. Put in slightly simpler terms, for investors this rating is considered a quality stamp provided by well-established credit agencies such as Moody, Standard & Poor’s and Fitch. In assigning ratings, these rating agencies explicitly review the underlying collateral characteristics, payment structures and possible guarantees delivered by third parties.
Because many American home owners have run into serious financial difficulties as a result of rocketing variable interest rates - and are thus no longer able to pay the increased interest - investments in structured products have incurred immense losses. This is generally seen as one of the causes of the current credit crunch, and it has cast serious doubts on the quality of the ratings issued – and indeed on the quality of the work done by the rating agencies.
Frank J. Fabozzi, Professor of Finance at Yale School of Management and Dennis Vink, Associate Professor of Finance and Risk Management at the Nyenrode Business Universiteit investigated the generally assumed over-reliance on credit ratings exhibited by investors. They find that investors do in fact consider factors that the rating agencies state that they consider in assigning ratings. Basically investors re-assess the credit rating. The authors argue there is every reason to suspect that the notion of pure reliance on assigned ratings - which is of major concern to regulators - may well be overstated.
-----------------------------------------------------------------------------------------------------------
Yale-Nyenrode onderzoek: Investeerders minder afhankelijk van ratings dan aangenomen
Onlangs sprak de Amerikaanse regering haar zorg uit over de grote mate waarin investeerders blind varen op ratings die kredietbeoordelende instanties toekennen aan gestructureerde kredieten. Deze ratings zijn kwaliteitsstempels die kredietbeoordelaars, zoals Moody’s, Standard & Poor’s en Fitch, toekennen aan portfolio’s van samengevoegde activa. In de ratings worden zaken meegenomen als de betalingsstructuur van de effecten, de kwaliteit van het onderpand, het land van herkomst en eventuele garanties die zijn afgegeven door derden.
Doordat Amerikaanse huiseigenaren in de problemen waren gekomen als gevolg van een explosief oplopende variabele rente en niet langer in staat waren om de gestegen rente te betalen, moesten de gestructureerde kredieten de afgelopen tijd massaal worden afgeboekt. Dit wordt gezien als een van de oorzaken van de kredietcrisis en heeft ertoe geleid dat meer vraagtekens worden gesteld bij de kwaliteit van de ratings en het werk van de ratingbureaus.
Uit onderzoek van Frank J. Fabozzi, professor Finance aan de Yale School of Management en Dennis Vink, associate professor Finance and Risk Management aan de Nyenrode Business Universiteit, blijkt dat de Amerikaanse regering zich mogelijk meer zorgen maakt dan nodig is. Investeerders blijken wel degelijk kritisch te kijken naar de ratings en leunen er minder zwaar op dan vaak wordt aangenomen. Zij heroverwegen factoren die de instanties beoordelen en verwerken eventuele nadere risico’s in de prijs van de effecten.